De aarde heeft koorts, deel 2
05/05/2019
Friese dorpen verenigen zich rond biodiversiteit
30/06/2019
Show all

Pilot Omgevingswet een succes

In het dorp Tzum wordt gewerkt aan de energietransitie

De pilot Omgevingswet in Noordwest Friesland verloopt moeizaam, en is dus een succes. Als alle processen van een leien dakje zouden gaan, was de pilot overbodig geweest. De Omgevingswet, die op 1 januari 2021 in werking treedt, vraagt namelijk om een structureel andere manier van samenwerken tussen ondernemers, inwoners en overheden, met als kernbegrippen: waarden en vertrouwen. Op papier staat dat mooi, maar als je er in werkelijkheid mee aan de slag gaat, valt het vies tegen. “Tussen droom en daad staan wetten in de weg, en praktische bezwaren,” stelde Willem Elsschot ooit. In deze blog een reflectie hierop, door het landschap van economie en politiek.

Neoliberalisme

Onze wereldeconomie is op dit moment in de greep van het neoliberale denken. De kern hiervan is dat de mens wordt gereduceerd tot een individu: de homo economicus, gericht op de bevrediging van zijn of haar behoeften op efficiënte en rationele wijze. De overheid moet zich terugtrekken en de economie volledig overlaten aan de vrije markt. Dan komt alles goed, zo stellen de economen die deze theorie aanhangen. We kennen het gedachtegoed vooral via Margaret Thatcher en Ronald Reagan die het neoliberale model formuleerden als hét antwoord op de crisis die ontstaan is in de jaren ’70.

Kijken we naar wat dit betekent voor de twee kernbegrippen van de Omgevingswet, dan zien we dat waarden worden teruggebracht tot individuele behoeften, vertaald naar verhandelbare goederen, uit te drukken in geld. Oscar Wilde stelde reeds in 1891: “Nowadays people know the price of everything and the value of nothing.” Het neoliberalisme versterkt dit. Dat mensen sociaal zijn en elkaar belangeloos kunnen helpen, heeft geen plaats in dit systeem, net zomin als natuurwaarden die onmogelijk in geld kunnen worden uitgedrukt. Gevolg is dat we de wereld zijn gaan indelen in winners en losers. De losers vallen buiten de boot. “Eigen schuld, dikke bult. Hadden ze maar beter hun best moeten doen.” De kloof tussen arm en rijk verdiept zich. De tien meest vermogende mensen op onze aardbol hebben bij elkaar opgeteld meer bezit dan de armste helft van de totale wereldbevolking. Vandaar de roep om hoge muren.

En waar kunnen we nog vertrouwen ontwaren? We zien dat wantrouwen domineert in onze huidige samenleving. Stel: mensen misbruiken onze welvaart? We tellen de tandenborstels in de badkamers van AOW’ers en laten mensen met schulden stapels formulieren invullen voordat ze geholpen kunnen worden. Ook ondernemers ervaren de negatieve consequenties van het toenemende wantrouwen. Zelf heb ik meegemaakt dat ik (als kleine bv) bijna een jaar moest wachten op een formele opdrachtverlening, vanwege formele procedures die afdeling Inkoop hanteert. Om mij heen zie ik dat de tijd tussen droom en daad zover wordt opgerekt, dat fraaie initiatieven ineenzakken.

Moeras van ontevredenheid

We zijn terecht gekomen in een situatie waarin iedereen ontevreden lijkt te zijn. De ‘losers’ zijn ontevreden, want ze worden met de nek aangekeken. Ze voelen zich als mensen niet gewaardeerd. Ondernemers zijn ontevreden, want hun goede ideeën stranden in bureaucratie. Mensen die zich inzetten voor duurzaamheid zijn ontevreden, want ze zien de biodiversiteit achteruit hollen en weten dat de klimaatverandering meer impact gaat hebben dan velen nu onderkennen. De natuur en onze landschappen zijn de grootste verliezers, zo mogen we constateren. Boeren zijn ontevreden. Een literpak melk staat voor een ruime euro in de schappen van de supermarkt. Slechts een klein deel daarvan gaat naar hen. Onderwijl worden ze aangezet hun productie op te schroeven: “op efficiënte en rationele wijze.”

ZZP’ers zijn ontevreden, want ze vormen de flexibele schil die de eerste klappen van de financiële crisis heeft opgevangen. Ze krijgen daarvoor enkel extra ontmoedigende belastingmaatregelen als beloning. Gegoede burgers beklagen zich. Een cartoon in de Stentor van enkele jaren geleden toont hun frustratie: “Het moet niet erger worden! Straks kunnen we nog maar drie keer per jaar op vakantie.” En ook de supervermogenden doen hun beklag, want het vele geld resulteert alleen maar in extra kopzorgen. Tevens worden ze in hun handelingen gedwarsboomd door ‘fanatiekelingen’ die het opnemen voor ons leefmilieu. “De jeugd is ook niet meer wat het vroeger was,” knarsentandt men.

Eenzaamheid neemt toe, vooral onder jongeren, door het Klein Orkest ooit verwoord als: “Eenzaam tussen duizend vrienden, duizend vrienden toch alleen.”

Uit dit moeras van ontevredenheid borrelt populisme als lachgas omhoog, kortstondig resulterend in een gevoel van verheffing. Populisten verwoorden de ontevredenheid, wijzen schuldigen aan en wakkeren wantrouwen aan tot angst. Populisme is een gevolg van de problemen die we ervaren, niet de bron. Het is van alle tijden. Om tot oplossingen te komen waarbij wij de toekomstige bewoners van onze aardbol recht in hun ogen kunnen kijken, zullen we dieper moeten graven, naar de wortelen van waarden en vertrouwen.

Complexiteit

Wie mijn blogs leest en/of mijn laatste boek heeft gelezen, weet dat ik veelal kijk door de bril van de complexiteitswetenschap. In noem hier kort door de bocht twee punten die op directe wijze de zwakheden van de neoliberale denkwijze illustreren.

Ten eerste: in de economische theorie rond vrije marktwerking wordt uitgegaan van het principe van de afnemende meeropbrengst. Dit draagt zorg voor stabiele evenwichten. De econoom Brian Arthur, een van de hoofdrolspelers in het eerste boek dat ik las over complexiteit, toonde echter aan dat in complexe systemen ook sprake is van toenemende meeropbrengst, door hem verwoord als: “those who have, will get.” Daardoor nemen verschillen toe, ontstaan instabiliteiten en wordt de basis gelegd voor crises. Met de kennis van nu geen gekke gedachte.

Ten tweede: het reduceren van complexiteit resulteert in extra ingewikkeldheid. In dit specifieke geval zien we dat mensen worden gereduceerd tot consumenten. Vele waarden verdwijnen uit beeld en verliezen hun betekenis. Mensen zijn complexe wezens en de manier waarop ze zichzelf, anderen en hun leefomgeving waarderen, is ook complex. Ik schrijf in mijn boek: “Het temmen van complexiteit is als het kneden van water.” Processen schieten alle kanten uit. Vele normen, regels, protocollen en procedures zijn nodig de ontluikende chaos te beteugelen. Wat velen niet doorhebben is dat juist het neoliberale denken de basis heeft gelegd voor de ondoordringbare regeldrukte, de doorgeschoten bureaucratie waarmee we in het heden worden geconfronteerd.

Waarden en vertrouwen

Dit betoog richt zich niet zozeer op de zwakke punten van het marktdenken. Binnen zekere grenzen, op inspirerende wijze geformuleerd door Sander Heijne, heeft deze zeker waarde. Als ik een strijkijzer nodig heb, ben ik blij dat er verschillende aanbieders zijn en de markt tot prachtige innovaties komt. Nee, het gaat mij vooral om (1) het waarderen van alle mensen – geen onderscheid meer maken tussen winners en losers – en (2) het waarderen van relaties tussen mensen: de sociale netwerken die ontstaan, waarin mensen elkaar helpen en vertrouwen zich kan opbouwen. Dan trekt de mist rond de twee kernbegrippen van de Omgevingswet geleidelijk op.

Gezien de verweving van het neoliberalisme in al ons handelen en de ingewikkeldheid die hieruit voortvloeit, is het niet verwonderlijk dat onze pilot Omgevingswet stroef verloopt. De sporen van huidige werkwijzen zijn diep ingesleten. Het verlaten van deze sporen gaat niet zonder moeite.

Op 23 maart 2018 zijn we van start gegaan. Er dienden zich interessante projecten aan en verschillende groepen gingen aan de slag. We handelden alsof de Omgevingswet reeds in werking was getreden en oefenden met het gedachtegoed. In de projecten onderzochten we de waarden binnen ontwikkelingen, op basis van vertrouwen. Ondernemers, bewoners en overheden werkten naast elkaar, in plaats van na elkaar.

Eerst ging het onbevangen lekker, daarna steeds krampachtiger en begin mei 2019 leek de gehele pilot onderuit te gaan. We kwamen terecht in wat we het moment van de moeite noemen. De communicatie bleek ontoereikend te zijn geweest en er ontstonden spanningen tussen algemeen belang enerzijds en individueel belang anderzijds. Heel boeiend hoe dit soort situaties ontstaan, vooral als alle betrokkenen hard werken en erg gedreven zijn er het beste van de maken. Toch, als een structurele wijziging wordt verlangd, ontstaat een dergelijk diep dal altijd. Als diep ingesleten sporen worden verlaten, neemt de snelheid af en is terugval niet ondenkbaar.

Gelukkig hebben mensen veerkracht. In het moment van de moeite gaan ze extra bewegen, gericht communiceren en komen ze met ideeën, rijp en groen door elkaar. Opeens begint de lucht te klaren en snappen we wat sommigen al eerder snapten, maar die op hun beurt niet snapten waarom de anderen het niet snapten. We zijn onszelf beter gaan begrijpen. Ik vermoed dat de pilot de komende tijd soepeler gaat lopen. Er zullen zich meer momenten van de moeite aftekenen, onvermijdelijk. Ook die zullen de nodige spanningen gaan opleveren. Echter, we zetten door. Persoonlijk ben ik ervan overtuigd dat zonder de momenten van de moeite de Omgevingswet alleen de schijn heeft van samenwerking op basis van waarden en vertrouwen. Nu doorleven we ze echt.

Speldenprikken?

De projecten in de pilot zijn klein, lokaal en concreet, zoals: het werken aan bodemgezondheid bij twee agrarische bedrijven, het verzorgen van de energietransitie in een dorp, het aantrekkelijk maken van enkele historische vaarten, het ontwikkelen van een hofje met kleine woningen en het aanleggen van een stinzentuin. De initiatiefnemers zijn ondernemers en inwoners. De overheden hebben een begeleidende rol en moeten uiteindelijk ook knopen doorhakken. Gezien het zware betoog hiervoor over neoliberalisme zou je jezelf het volgende kunnen afvragen: snijdt dit wel hout? Zijn het geen speldenprikken, verwaarloosbaar ten opzichte van de shit die we dag in dag uit over ons heenkrijgen?

Zelf spreek ik liever over acupunctuur. Door op kleine, lokale en concrete schaal projecten te realiseren, kunnen geblokkeerde levensstromen weer wat op gang komen. We nemen mensen serieus en stellen deze centraal. Iedereen heeft waarde. Gaandeweg bouwt zich zo vertrouwen op, vooral omdat we de abstractie verlaten. Geleidelijk gaan we merken dat meer mogelijk is in onze hoek van het land dan we voor mogelijk hadden gehouden. Waarden ontstaan door concreet met elkaar aan de slag te gaan. In deze stap van de evolutie ruimt de homo economicus het veld, om plaats te maken voor mensen met alle unieke eigenschappen. Niemand is een loser.

Govert
Govert
Opleiding: TU Delft Civiele Techniek en promotie aan Universiteit Twente. Onderwerp: "Omgaan met complexiteit bij integraal waterbeheer." Heeft eigen bureau: Geldof c.s. B.V., gevestigd in Tzum. Tevens fractievoorzitter SAM Waadhoeke. Govert zet zich o.a. in voor waardering en versterking van (nieuw) vakmanschap.

2 Comments

  1. Mathijs Postma schreef:

    Hoi Govert,

    Inspirerend stuk, blijft altijd een paradigma vrijheid en marktwerking binnen het concept van neoliberale denken. Mijn bescheiden mening is dat de door jouw aangeroerde onvrede voortkomt uit de nieuwe vorm van vrije marktwerking “disruptive innovation” deze verdringt/verstoort de huidige marktwerking met haar elite. Types als Mark Zuckerberg, Elon Musk en anderen zijn vanuit niets multimiljardair zijn geworden en vormen thans de nieuwe elite. De huidige samenleving kan daar lastig mee omgaan en de zittende elite spant het voetvolk voor haar karretje en gebruikt hiervoor het concept van populisme waar gebezigde termen worden gehanteerd van, vroeger was alles beter, het tuinpad van mijn vader waar de hoge bomen staan etc. met uiteindelijk de Brexit tot gevolg. Oude mensen die bang zijn gemaakt en dan teruggrijpen op oude waarden die na hun mening overzichtelijk waren. Deze bangmakerij veroorzaakt door de oude elite met Boris Johnson voorop. Grappig is dat het over het algemeen nerts zijn die maximaal succesvol zijn binnen het concept van disruptive innovationn.
    De pilot vind ik ook een vorm van disruptive innovation. Disruptieve innovaties worden meestal geproduceerd door buitenstaanders en ondernemers in startups. En voilà dit type mens heeft voornamelijk zitting in de pilot. Waar de spanning zit is het verliezen van oude waarden, niet mee kunnen komen en niet buiten de kaders kunnen denken, etc. Door oog te hebben voor oude gebruiken en verleiding toe te passen om af te stappen van het meer conventioneel proces moet het uit eindelijk een succes worden. Overigens niet alle startups zijn succesvol :-(. Grt Mathijs

  2. Albert Nauta schreef:

    Govert, wederom interessant. Vertrouwen en waarden. Prof. dr. Frans Tonnaer, emeritus hoogleraar Omgevingsrecht en directeur van de Praktijkacademie Omgevingsrecht gebruikt de metafoor van het Cultuurhuis van het omgevingsbeleid. Deze metafoor biedt de mogelijkheid om de samenhang te verbeelden tussen de genoemde thema’s rond de vier kernwoorden (als vier v’s) die de maatschappelijke kernwaarden van het systeem tot uitdrukking brengen.
    Vertrouwen vormt de grondslag waarop partijen in het omgevingsrecht met elkaar omgaan: hun vrijheid en verantwoordelijkheid beleven (fundament). Vrijheid betekent ruimte voor initiatieven welke ruimte door Verantwoordelijkheid zowel wordt begrensd als beschermd (dak). En ten slotte Verbinden als middel voor het koppelen van de vertrouwensgrondslag aan verantwoordelijkheid
    (muren).
    Ik ben persoonlijk zeer benieuwd hoe het verder gaat in Waadhoeke……….

    Albert Nauta
    .

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *